Door kou, sneeuw, donkere ochtenden en avonden kan hardlopen in de winter een behoorlijke opgave zijn. De oplossing, voor wie een hekel heeft aan de lopende band: hardlopen in de stad. "Kies veilige, goed verlichte routes uit, draag warme kleding, zorg dat je gezien wordt en maak vooral lol," zegt funrunner André Leppers.

Blz20

De cursisten lagen helemaal in een deuk nadat ze in een stevig tempo dwars door Hoog Catharijne waren gelopen. Onder aanvoering van gang- maker en trainer André Leppers liepen ze in een sliert langs de vele tientallen Utrechtse winkels, het winkelend publiek keurig ontwijkend. Voor de afwisseling pakten ze zo nu en dan een roltrap. Hilarische taferelen en verbijsterde gezichten in het grootste winkelcentrum van Nederland. André vertelt het met een ondeugende lach op zijn gezicht. “Maffe dingen, daar houd ik van. Ik zei tegen de groep van zo’n tien à vijftien cursisten: ‘Volg mij maar, dan gaan we wat beleven’. Lachen toch? Met een klein groepje ben ik ook wel eens door de HEMA gelopen. Flatgebouwen, daar kom ik ook graag: via de ene kant naar binnen, dan drie trappen op, vervolgens over de galerie lopen, drie trappen af en uiteindelijk via de andere kant weer naar buiten. En ja, ik doe zoiets ook in mijn uppie. Dat anderen me raar aan kijken doet me helemaal niks.”

De 43-jarige André Leppers uit Veenendaal werkt bij Run2Day aan de Mariastraat in Utrecht, daarnaast verzorgt hij looptrainingen. André noemt zichzelf een funrunner pur sang. En hij wil zijn passie graag delen met anderen, als verkoper én als trainer. Zijn favoriete loopomgeving? De stad. Want hardlopen in de stad is avontuurlijk, onvoorspelbaar en spannend. Een route stippelt hij van te voren nooit uit, André laat zich het liefst verrassen. Regelmatig laat hij z’n cursisten in kleine groepjes geinige opdrachten uitvoeren in het centrum van Utrecht. Het ene groepje moet bijvoorbeeld uitvogelen hoe de caissière van de Xenos heet, terwijl een ander groepje er achter moet zien te komen welk huisnummer het pand naast de Domtoren heeft. Of hij gaat met de groep naar een park, om tikkertje te doen. “Het is niet alleen een goede warming up, maar ook een perfecte manier om elkaar te leren kennen.”

Blz21_1

Hardlopen met hindernissen

André maakt graag gebruik van objecten die hij onderweg tegenkomt. Een trapje of fietsenrek? Daar springt hij overheen. Een hekje? Kun je mooi onderdoor lopen. Een rij lantaarnpalen? Ideaal voor een sprintsessie. André heeft iets met stoepranden: “Op, af, op, af. Bijna tot vervelens toe. Wat dat betreft ben ik echt een springveer, altijd op zoek naar uitdagende hindernissen.” Wanneer hij voor een spoorboom moet wachten, gebruikt hij de spoorboom voor rekoefeningen. Maar hij zou ook links- of rechtsaf kunnen. “Ik besluit pas op het laatste moment welke kant ik op ga. Belangrijkste is eigenlijk dat je permanent in beweging blijft. Waar ik ook graag kom, zijn de Utrechtse singels. Daar kun je langs lopen zonder dat je hoeft te wachten voor een verkeerslicht. En er zijn heuveltjes: die loop ik vijf keer op en af.”

Voor de lol

Lopen is lol maken, vindt André. Daarom doet hij doet graag mee aan evenementen als The Color Run of de griezelige Halloween Run. Geen gedoe met een klok om de pols, maar genieten. Hij is er klaar mee, met dat hele fanatieke. André weet waar hij over praat: de Veenendaler liep circa veertig marathons en een handvol ultralopen. Zijn langste loop ooit: honderd kilometer, tijdens een wedstrijd in België. “Ik was een trainingsbeest. We hadden een marathongroepje. Ik wilde alleen maar hard. Toch was ik een vreemde eend in de bijt. Aan schema’s deed ik niet. Waarom niet? Dan moet je dinsdag zus en donderdag zo. Ik beleef daar geen lol aan, aan dat moeten. Blijkbaar deed ik het goed, want blessures heb ik eigenlijk nooit gehad.”

Blz21_2

Opperste concentratie

Hardlopen in de stad is avontuurlijker dan lopen in het buitengebied, maar vergt opperste concentratie. “In de stad moet je vreselijk goed opletten, want je bent niet de enige. Een stad is permanent in beweging. Je hebt te maken met fietsers, voetgangers, auto’s en bussen. Als je pech hebt, landt er een helikopter voor je neus. Gekkigheid natuurlijk, maar ik hamer op concentratie. Tijdens het lopen luister ik graag naar muziek, maar in een stedelijke omgeving is dat niet slim om te doen.”

Opvallen

Zorg dat je als hardloper opvalt wanneer het donker is. André draagt het liefst kleding met reflectie. “Zo’n fluorescerend hardloopvestje trek ik niet graag aan, dan voel ik me net een verkeersregelaar. Liefst draag ik kleding en schoenen waarin reflectie subtiel is verwerkt. Verder draag ik altijd een lampje.” Verder heeft André een sterke voorkeur voor een lichtgewicht schoen. “Dat is iets persoonlijks, daar loop ik het lekkerst op. Wat ik dan draag? De Nike Free. Ideaal voor een springveer als ik.”


Je stad als gym

In een stad barst het van geschikte attributen om oefeningen mee te doen: onder een hekje doorlopen of over een fietsenrek springen. Wil je je buikspieren trainen? Zoek een bankje op, ga zitten met je rug goed tegen de leuning en beweeg beide benen gestrekt omhoog en omlaag. Deze oefening is ook goed voor je rompstabiliteit. Je kunt een bankje ook gebruiken om je op te drukken door je handen op de leuning te zetten.