Lopen met een hardloopapp, hartslagmeter en lekkere beat of in alle rust genieten van de natuur? Twee oud-topsporters die van sport hun werk hebben gemaakt delen hun stijl en visie.

Bladzijde-48-en-49edit

Gijsbregt Brouwer geeft het toe: als het om hardloopgadgets gaat, is hij in de loop der jaren een tikkeltje dwangmatig geworden. Gijsbregt, trendwatcher en expert op het gebied van sport en social media, pakt zijn iPhone en opent de populaire hardloopapp Runkeeper. Sinds deze in 2008 gelanceerde app op zijn smartphone is geïnstalleerd, heeft hij 11.776 kilometer gelopen en 728.299 calorieën verbrand.

‘Soms vergeet ik de app aan te zetten, dan baal ik. Het gebeurt me een paar keer per jaar. Ik móet gewoon weten hoe ver, hoe lang en waar ik heb gelopen.’ Voordat Gijsbregt gaat hardlopen is hij minstens vijf minuten in de weer met het omdoen en aanzetten van zijn gadgets: iPhone om de arm, Nike fuelband om de pols, hartslagband om de borst en koptelefoon op zijn krullenbol. Naast Runkeeper gebruikt hij Nike+: deze hardloopapp gebruikt hij vooral vanwege de sociale functies, zoals foto’s delen, vrienden aanmoedigen en taggen met wie je loopt. Voor muziek gebruikt hij Soundcloud of Spotify: Soundcloud voor de mixjes, Spotify voor hiphop, Indie Rock en de rest. Gijsbregt is op zoek naar een opvolger van de fuelband, die hij gebruikt als stappenteller. ‘Binnenkort komt de Jawbone UP3 op de markt. Dat bandje meet naast hartslag en stappen hoeveel je zweet en hoe de samenstelling van het zweet is. Dat vind ik wel heel gaaf.’ Gijsbregt vindt hardloopapps inclusief schema een uitkomst voor beginners. ‘Ze zijn vaak gratis en zorgen er voor dat je niet te hard van stapel loopt. Zo voorkom je blessures.’ Je vraagt je af of Gijsbregt tijdens het lopen ruimte in zijn hoofd heeft om te ontspannen. ‘Absoluut’, zegt hij resoluut. ‘Na vijf kilometer kom ik los van mijn beslommeringen, ook wanneer die aardige vrouw van Runkeeper vertelt wat mijn gemiddelde loopsnelheid is. Eenmaal los borrelen er vaak creatieve ideeën naar boven. De één noemt het een run- ner’s high, ik spreek liever van een brainwave. Soms zijn de ideeën zo goed, dat ik mijn iPhone pak en het idee direct intik.’ Gijsbregt was er vroeg bij: als jochie van dertien droeg hij al een Polar. Hij deed aan langlaufen en was opgenomen in de nationale jeugdselectie. ‘Ik kreeg het apparaat van de skibond. Gelukkig maar, want hij kostte rond de 900 gulden. Een ouderwets ding, want de hartslagfrequentie moest ik na afloop op papier uitschrijven.’

In een filmsetting
Hans Koeleman trainde in de jaren tachtig eveneens met  een hartslagmeter en ingewikkelde schema’s, toen hij als atleet furore maakte op de 3000 meter steeple. ‘Meten is weten’, zegt hij glimlachend. Na het beëindigen van zijn carrière in 1993 heeft hij jarenlang nauwelijks gelopen. Tot 1998, toen hij met een vriend meedeed aan de marathon van New York. ‘Meejoggen met de meute, zonder op een klokje te kijken. Geen idee hoe lang ik er over deed. Mijn doel was relaxed finishen, meer niet.’ Hans heeft sindsdien een voorliefde voor langzame, lange duurlopen, liefst middenin de nacht. Zonder lampjes, maar ook zonder hartslagmeter, iPhone of andere gadgets. ‘Je zou het minimalistisch lopen kunnen noemen’, beaamt hij. Hans ervaart het als lopen in de standby-stand, omdat de zintuigen ’s nachts nauwelijks geprikkeld worden. ‘Vooral je ogen komen tot rust, want er valt weinig te zien. Heel anders dan een zaterdagochtend in het Amsterdamse bos, als je ogen alle kanten opschieten. Lopen in het donker kost minder energie.’

Bladzijde-48-en-49edit2

In het holst van de nacht
Eén keer per jaar, op de zaterdag voor kerst, gaat hij met tien à twaalf hardlopers naar de Schoorlse duinen. Verzamelpunt is de voet van de hoogste duin, even voor vier uur ’s nachts. Ze nemen een laatste slok, beklimmen de ruim vijftig meter hoge duin en gaan vier uur lopen. Gadgets zijn verboden. ‘Althans, ik wil ze niet zien. Prima als iemand zijn gps aanzet, maar het apparaat moet in de broekzak.’ Een groot deel van de mensen die Hans meeneemt op het nachtelijke duinavontuur, zijn beginners. ‘Ik wil laten zien dat hardlopen veel makkelijker is dan we denken, dat mensen die nauwelijks getraind hebben in staat zijn om zo lang elkaar te lopen. Het lukt, dat blijkt elke keer weer. De gemiddelde snelheid is acht à negen kilometer per uur, nooit harder.’ Ze lopen door de duinen, over bospaden en het strand. Onder de sterrenhemel, in de kou, meestal zonder wind. ‘Als je lang loopt, komen er ook nog stofjes als endorfine vrij. Na een tijdje raak je in diepe trance, haast meditatief. Een geweldige ervaring. Alsof je in een filmsetting loopt.’

Opzwepende muziek
Zo op het eerste gezicht lijken Gijsbregt en Hans twee tegenpolen, maar schijn bedriegt. Gijsbregt wil dolgraag een keer met Hans lopen in het holst van de nacht. ‘Kijk, ik ben een gadgetfreak, dat heeft vooral met mijn werk als trendwatcher te maken. In sommige gevallen zou ik best zonder die apparaten kunnen. Trouwens, als ik mijn yoga-oefeningen doe, heb ik ook niks om.’ En Hans mag dan meestal zonder gadgets hardlopen, soms luistert ook hij naar muziek. ‘Bruce Springsteen doet het altijd goed.’ Hij pakt zijn iPhone en laat een prachtfoto zien van het IJmeer. De foto is gemaakt om half zes ’s middags, tijdens het zogenaamde blauwe uur. De zon was net ondergegaan, de lucht kleurde blauw. Die foto had hij natuurlijk niet kunnen maken zonder iPhone in zijn zak. ‘Ik ben niet anti. Ik geloof dat mensen baat hebben bij opzwepende muziek, of dat nu Nirvana of een briljante vioolsolo is. En mocht ik nog een keer een marathon binnen de 2.50 uur willen lopen, dan ga ik trainen met een hartslag- meter. Want lopen met een hartslagmeter heeft, op zijn tijd, zeker nut. Ik wil echter duidelijk maken dat we ook eens moeten afwijken van die dichtgetimmerde schema’s, dat je gaat lopen op gevoel en in de standby-stand. De hardlopende mens is tot veel meer in staat dan hij denkt.’