Wat is er leuker dan je vakantiebestemming ontdekken op hardloopschoenen?
Hardlopen in een andere omgeving vraagt alleen om iets meer voorbereiding dan thuis. Reislustige hardloper Eddie Sevink geeft tips en trucs.

Blz24

Of Eddie nu twee dagen naar Slagharen gaat of drie weken naar Nieuw-Zeeland, zijn loopspullen gaan altijd als allereerste in de koffer. “Het is een automatisme”, zegt de franchisenemer van de Run2Day winkel in Zwolle. “Tandenborstel, zwembroek en leesvoer komen pas daarna.” Op zijn vakantiebestemming loopt Eddie een tikkeltje langzamer dan normaal. Zijn credo: “Geniet van de omgeving, wees blij met waar je bent.”

Wat is je meest bijzondere buitenlandse loopervaring?

“In 2007 deed ik mee aan de Everest Marathon in Nepal. Je moet eerst twaalf dagen wandelen om überhaupt bij
de start te komen, op 5400 meter hoogte. Aanvankelijk zou ik die marathon met mijn vader lopen: hij was niet alleen mijn loopmaatje, maar ook mijn beste vriend. In de voorbereiding werd hij ziek, een paar maanden later overleed hij. Dat was in 2006. Ik ben toch naar Nepal gegaan. Zijn as heb ik uitgestrooid in het basiskamp. Het is een bizarre wedstrijd. Neem alleen al de eerste zes kilometer: die loop je op een gletsjer en over morenekeien. Je moet bereid zijn om diep te gaan, want je ziel wordt afgepeld als een ui. De scheidslijn tussen ratio en emotie verdwijnt, je gaat janken om niets. Meedoen betekent in elk geval een hele lange voorbereiding. Mijn tijd? 8 uur en 29 minuten. Niet te vergelijken met een gewone marathon, die ik ooit in 3.20 uur liep.”

In landen als Spanje, Italië en Frankrijk kan het overdag loeiheet worden. Hoe ga je om met hoge temperaturen?

“Loop vroeg in de ochtend, smeer je goed in en neem altijd drinken mee. Wanneer ik in mijn favoriete vakantieland Italië ben, loop ik om de dag. Ook als ik een borreltje te veel op heb of net iets te zwaar getafeld heb. Ik sta om 7.00 uur op en ga om 7.05 uur lopen. Niet per se hard, maar vooral ontspannen. Vooral dat drinken onderweg is belangrijk, want je verliest vocht en mineralen. De luchtvochtigheid is er vaak ook hoger dan dat we gewend zijn, onderschat dat niet.”

Blz25_1

Lopen tijdens je vakantie betekent vaak lopen op onbekend terrein. Hoe voorkom je dat je verdwaalt?

“Loop de eerste keer vooral niet de ver. Ga naar het eerst- volgende dorpje toe en weer terug. In sommige landen kan het heel gevaarlijk zijn om langs een normale weg te lopen, simpelweg omdat automobilisten nooit te maken hebben met hardlopers en keihard voorbij racen. Blijf in de berm. Vind je dat nog te gevaarlijk, zoek dan een rustiger route op. Of loop langs een boulevard of een meer. Dat is veiliger, bovendien vind je dan altijd de weg terug. Een gps-horloge is natuurlijk ook handig, maar dat heeft niet iedereen.”

ACHT KILOMETER IN DE BERGEN IS MINSTENS ZO ZWAAR ALS TIEN KILOMETER OP VLAK TERREIN

Op een paar heuveltjes na is Nederland zo plat als een dubbeltje. Dat is in veel andere landen wel anders…..

“Lopen op bergachtig terrein is niet te vergelijken met lopen in Nederland. Wie thuis altijd tien kilometer loopt en dan een uurtje onderweg is, moet in de bergen niet ineens ook tien kilometer willen lopen. Mijn advies: let niet opde afstand, maar op de tijd. Loop een uur, niet langer. Acht kilometer in de bergen is minstens zo zwaar als tien kilome-ter op vlak terrein. Wees ook voorzichtig met trailrunning, zeker als je beginner bent. Het is misschien verleidelijk om het tijdens je vakantie te proberen, maar als je thuis nooit in het bos loopt, raad ik het echt af.”

Hoe zit het met voeding in warme landen?

“Wees voorzichtig met ijsblokjes, sla of vlees van eettentjes langs de weg. In landen als Marokko, Turkije of Griekenland wordt veel olijfolie gebruikt, maar onze magen kunnen daar niet zo goed tegen, dus kijk uit. Voor je het weet moet je tijdens je rondje steeds de bosjes opzoeken…”

GROET MENSEN: DAT KAN TOT MOOIE DINGEN LEIDEN

Heb je verder nog een leuke tip?

“Groet mensen tijdens het lopen: dat kan soms tot mooie dingen leiden. Ooit was ik in Italië aan het lopen met een vriend. Hij wilde na een half uur stoppen, ik ging in m’n uppie verder. Op een geven moment sla ik een weggetje in en zie in de verte een boerderij. Het was een doodlopende weg, toch liep ik door, in de hoop mijn waterfles bij te kunnen vullen. Bleek het een wijnboerderij te zijn. De eigenaar vroeg of ik wat wilde proeven, maar dat aanbod sloeg ik af: ik moest immers nog terug. Ik vroeg of ik later mocht terugkomen om te proeven, samen met een groepje vrienden. Dat vond hij prima. Toen wij een paar uur later aankwamen, bleek die man de tafel voor ons gedekt te hebben. We kregen een rondleiding en hebben er gegeten en gedronken. En dat allemaal omdat ik er eerder die dag toevallig ‘buon giorno’ zei en om wat water vroeg. Een superervaring.”

Blz25_2